Thuis laden (IV)

Welk vermogen heeft mijn aansluiting?

De standaard huishoudelijke aansluiting is een monofasige aansluiting van 40 A.
Het vermogen daarvan bedraagt 9,2 kW (230 V x 40 A / 1000).

Maar niet elk huis heeft een standaard aansluiting:

  • De stroom kan groter of kleiner zijn dan 40 A. Dat staat op de automaat in de meterkast.
  • Sommigen woningen hebben een driefasige aansluiting. Het vermogen wordt dan berekend met de formule:
    ​              vermogen = 1,73 x spanning x stroom / 1000 (vermogen in kW, spanning in V, stroom in A)
    • De spanning kan 230 V of 400 V bedragen. Voorbeeld:

      • een driefasige aansluiting van 25 A op 230 V heeft een vermogen van 10 kW
      • een driefasige aansluiting van 25 A op 400 V heeft een vermogen van 17,3 kW
  • Om driefasig te kunnen laden heb je 400 V nodig

 

Wat is een aarding?

De aarding van een elektrische installatie is een verbinding met de aarde via een geel-groene geleider. In combinatie met een differentieelstroomschakelaar (of een andere maatregel), beschermt de aarding de gebruiker tegen elektrische schokken.

Van elk stopcontact dat een aardingspen heeft, moet de aardingspen verbonden zijn met de aarde. Als je dus een stopcontact met aardingspen hebt, dan heeft de elektrische installatie gegarandeerd een aarding (tenzij er bij het plaatsen een grove fout begaan is).

Stopcontact_met_aanduiding_aardingspen
Huishoudelijk stopcontact met aarding

Om veiligheidsredenen controleert een EV altijd of er een aarding aanwezig is, vooraleer het laadproces te starten. Zonder aarding kan je niet laden.

Sinds 1 oktober 1981 moeten alle nieuwe, huishoudelijke elektrische installaties en alle uitbreidingen geaard worden. Alleen oudere installaties hebben soms nog geen aarding. Als dat het geval is, is het omwille van de veiligheid in huis sterk aan te raden om de volledige installatie te (laten) aarden en vernieuwen, los van het feit of je een EV hebt of niet.

 

Hoe zit dat met die differentieelstroomschakelaar?

Elk laadpunt moet beschermd worden door een aparte differentieelstroomschakelaar van maximaal 30 milli-ampère (mA) (of een gelijkwaardige maatregel).

Na de installatie van een laadpunt moet je elektrische installatie gekeurd worden en de keurder zal zeker nakijken of dit punt in orde is.

Voor de techneuten hierna een bondig woordje uitleg:

Een differentieelstroomschakelaar (diff.) dient om, in combinatie met de aarding, de gebruikers van een elektrische installatie te beschermen tegen elektrische schokken. De diff. zal de installatie afschakelen zodra er zich een fout in de isolatie voordoet, d.w.z. zodra er door de aarding een stroom vloeit die groter is dan de waarde waarbij de differentieelstroomschakelaar afschakelt. Veel voorkomende afschakelwaarden zijn 300 en 30 milli-ampère (mA).

  • Sinds 1 oktober 1981 wordt aan het begin van een huishoudelijke elektrische installatie verplicht een diff. van 300 mA geplaatst (en nog een tweede van 30 mA voor de badkamer)
  • Elk laadpunt moet beschermd worden door een aparte diff. van 30 mA

Nu bestaan er verschillende types diff., o.a. type A en B. Het verschil heeft te maken met het feit dat er verschillende soorten foutstroom kunnen optreden. Een diff. type B zal op meer soorten foutstroom reageren dan een type A maar is ook duurder.

Differentieelstroomschakelaar_30mA-typeA

De differentieelstroomschakelaars in een huishoudelijke elektrische installatie moeten minstens van het type A zijn, een type B mag sinds maart 2017 ook.

Bij veel EV’s kan bij een isolatiefout een DC-foutstroom optreden van meer dan 6 mA. In dat geval:

  • moet het laadpunt beschermd worden door een diff. type B
  • moet, als er daarvoor nog een tweede diff. in serie staat, dat ook een diff. type B worden

Voor een diff. type B vormt een DC-foutstroom van meer dan 6 mA geen probleem maar voor een type A wel. Een diff. type A detecteert dit soort foutstroom niet en het kan zijn dat hij door dit soort foutstroom ook andere fouten niet meer detecteert, waarop hij anders wel zou reageren.

Opmerking: hoe zit het dan als je laadt via een stopcontact (Mode 2) dat beveiligd wordt door een diff. type A, zoals in de meeste woningen?

  • Vanaf 01 januari 2018 moeten alle laadkabels voor Mode 2 een beveiliging bevatten die uitschakelt zodra er een DC-foutstroom optreedt van meer dan 6 mA. Op die manier kan die foutstroom nooit in je elektrische installatie terecht komen
  • Heb je een Mode 2-laadkabel van voor 01 januari 2018, dan doe je er goed aan om te controleren of die deze beveiliging al bevat. Als dat niet het geval is, zou je hem beter vervangen

Vind je dit niet duidelijk? Je bent zeker niet de enige. Vraag het aan een specialist!